We denken massaal dat we goed zijn in multitasken en we zijn er vaak nog trots op ook. Muziek luisteren terwijl je leest. Je huis opruimen tussen je thuiswerkafspraken door. Bellend je koffer inpakken. Snel even reageren op een inkomend mailtje als je in een teamsoverleg zit. Of toch even appen achter het stuur (75% van de automobilisten gebruikt wel eens de mobiele telefoon tijdens het rijden!).
Maar kunnen we eigenlijk wel multitasken? Wat gebeurt er in ons brein als we meerdere taken tegelijkertijd proberen uit te voeren?
Je aandacht werkt als een vergrootglas
Onze aandacht kun je vergelijken met een vergrootglas. Waar je het glas op richt, zie je scherp. Alles daarbuiten wordt automatisch vager. Wanneer we ‘multitasken’, proberen we dat vergrootglas op twee plekken tegelijk te richten. En dat kan niet. Wat we in werkelijkheid doen, is razendsnel schakelen tussen taken. Daarom is de term switchtasken passender.
Wat is switchtasken?
Switchtasken is het continu wisselen van aandacht tussen twee (of meer) taken. Op het moment dat taak A aandacht krijgt, krijgt taak B die niet – en andersom. Dat klinkt onschuldig, maar dat is het niet. Elke keer dat je schakelt, moet je brein:
Dat kost logischerwijs veel energie. Je kunt het vergelijken met één app actief gebruiken terwijl er op de achtergrond tien andere apps draaien. Je systeem raakt overbelast. Je werkgeheugen krijgt het zwaar en je batterij loopt sneller leeg. Het gevolg voor ons? Snellere vermoeidheid, concentratieverlies en meer fouten. Zo bleek bijvoorbeeld dat ongeveer 40% van de fouten in een ziekenhuis terug te herleiden waren door het onderbreken van taken¹.
Een schokkend percentage wat ons betreft.
Wil je ervaren wat de impact van switchtasken is? Doe deze korte oefening.
Stap 1 – Singletasken
S I N G L E T A S K I N G
1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13
Noteer je tijd.
Stap 2 – Switchtasken
M – 1, U – 2, L – 3, T – 4, enzovoort.
Noteer opnieuw je tijd.
Waarom is stap 2 lastiger?
In vrijwel alle gevallen duurt de tweede opdracht langer. Beide taken doen namelijk een beroep op dezelfde hersengebieden: schrijven, volgorde aanhouden, hand-oogcoördinatie én zowel het taal- als het numerieke centrum. Je brein moet continu schakelen tussen deze processen. Bij singletasken rond je eerst één taak volledig af, voordat je aan de volgende begint. Dat is efficiënter en minder belastend voor je brein.
Mensen verschillen in de capaciteit om te schakelen en weer door te gaan waar je gebleven was. Hoeveel informatie kan je brein verwerken? Hoe groot is je werkgeheugen ? Hoe lang houd je dit vol? Dit zijn vragen die je niet op intuïtie kan beantwoorden, maar zorgvuldig getest moeten worden voordat iemand een veiligheidstaak uitvoert waarin een grote hoeveelheid informatie verwerkt moet worden. Denk aan operators, verkeersleiders, meldkamer medewerkers.
Tips om switchtaken te voorkomen:
Wanneer kan combineren wél?
Kun je dan nooit meer multitasken? Dat ligt aan de situatie! Sommige activiteiten kunnen elkaar juist aanvullen – mits ze verschillende hersensystemen gebruiken. Bijvoorbeeld: muziek luisteren tijdens het hardlopen. Hardlopen is grotendeels een geautomatiseerde, motorische taak. Muziek verwerken is een auditieve, cognitieve taak. Deze twee zitten elkaar minder in de weg.
Het verschil zit dus niet in hoeveel je tegelijk doet, maar welke systemen je tegelijk aanspreekt.